Auto’s hebben ook veren – Column van juf Helen

Het fijne van het werken met Actief Leren Lezen is dat niet alleen de kinderen, maar ook jijzelf als leerkracht wordt gestimuleerd om actief met je onderwijs bezig te zijn. De methode geeft ruimte om te kijken naar wat de kinderen in jouw groep nodig hebben.

Neem de woordenschat-les…

Al een paar dagen heeft Jonas het voortdurend over auto’s. De ouders van Jonas hebben namelijk net een nieuwe auto gekocht. Niet zomaar een auto, nee… een vijfdeurs met airco en dat heeft indruk gemaakt!

Ik weet dat één van de veertig thematische woordplaten van Actief Leren Lezen over de autowerkplaats gaat. Omdat de methode niet voorschrijft in welke volgorde je de woordenschatlessen moet geven, besluit ik om de aankomende week het thema auto’s centraal te stellen.

De eerste les maken de kinderen in kleine groepjes een woordweb om zo de voorkennis te activeren. Jonas heeft het hoogste woord en strooit met begrippen als ‘motorkap’, ‘achteruitkijkspiegel’ en ‘laklaag’. De andere kinderen in zijn groepje komen er haast niet tussen.

De volgende woordenschat-les gaan we gezamenlijk de woordenschatplaat bekijken dan komt Jonas er al snel achter dat, ook als je denkt al veel over auto’s te weten, er toch nog een wereld van nieuwe woorden te leren is over je favoriete onderwerp!

Zijn enthousiasme om te leren slaat over op de rest van de groep. Zeker als ik mijn eigen oude autootje het plein op rijd en de kinderen onder de motorkap kijken, achter het stuur zitten, het nummerbord bekijken en het automerk van de auto zoeken. Tijdens het buitenspelen zijn alle karren en fietsen opeens auto’s en ‘moet het portier goed dicht, anders zie je nog een lampje’

woordenschat-les - met Actief Leren Lezen actief werken aan woordenschat

Als afsluiting heb ik een bezoek geregeld bij een autogarage. De kinderen hebben allemaal de woordplaatjes van de nieuw geleerde begrippen mee als speurkaart. Zo worden ze gestimuleerd de woorden nog eens actief te gebruiken. En dat doen ze volop. Als Jonas vraagt: ‘Waar kan ik een veer vinden?’, maakt de monteur een grapje en zegt: ‘Ik zou eens buiten kijken onder die boom. Daar zie ik heel vaak vogels vliegen.’ Jonas kijkt mij serieus aan en zegt: ‘Juf, ik denk dat de monteur ook mee moet doen met woordenschat. Hij denkt alleen maar aan veren van vogels, maar auto’s hebben ook veren!’
En zo is het maar net!